|
Onze dochter Fenna van vijftien deed haar huiswerk drie jaar lang op bed. Laptop op een kussen, telefoon ernaast, en de oplader in een verlengsnoer dat ergens onder het bed verdween. Ik vond dat snoer pas terug toen ik in de zomervakantie haar kamer in ons huis in Fonteinslanden eens grondig stofzuigde. Het lag opgekruld tussen een vergeten sok en een laag stof, met drie stekkers erin, en de stekkerdoos voelde warm aan terwijl Fenna al uren beneden zat. Dat was het moment waarop mijn vrouw en ik zeiden dat het anders moest. Niet omdat we zo nodig wilden dat ze aan een bureau zat, maar omdat dat warme snoer onder een bed vol kleding en knuffels me eerlijk gezegd de rillingen gaf. Een bureau alleen is nog geen werkplekEen bureau had ze al jaren. Het stond onder het dakraam en werd vooral gebruikt als plek om schone was op te stapelen. Toen ik Fenna vroeg waarom ze er nooit aan zat, kwam het antwoord zonder aarzelen. Het licht deed pijn aan haar ogen, het enige stopcontact zat aan de andere kant van de kamer, en ’s avonds was het daar donker op een sfeerloze manier. Op bed had ze tenminste haar leeslampje. Ze had gelijk, dat zag ik toen ik er zelf een avond ging zitten. De plafondlamp gaf koel, hard licht dat op het laptopscherm weerkaatste. Het oude bureaulampje dat we ooit van mijn schoonmoeder kregen, stond rechts van haar, waardoor haar eigen hand een schaduw over haar schrift wierp. Na een uur sommen maken had ik zelf ook zin om te gaan liggen. Licht dat niet vermoeitIk heb me daarna wat ingelezen. Voor lezen en schrijven wordt vaak zo’n 500 lux op het werkblad aangehouden, ongeveer wat je op een kantoor hebt. Een kleurtemperatuur tussen de 3000 en 4000 kelvin is prettig, niet te geel en niet zo klinisch wit als in een wachtkamer. Belangrijk is ook dat een ledlamp niet flikkert, iets wat je niet altijd bewust ziet maar wel voelt na een avond werken. En het licht hoort van de kant van de hand te komen waarmee je niet schrijft. Fenna is rechtshandig, dus de bureaulamp staat nu links. We draaiden het bureau ook een kwartslag, zodat het daglicht van opzij binnenvalt in plaats van recht in haar gezicht. Daarnaast kwam er een dimbare plafondlamp, zodat er rond het bureau niet zo’n scherp verschil is tussen een helder werkvlak en een pikdonkere kamer. Stopcontacten op de goede plekVoor de stopcontacten belde ik Elektricien Dokkum. Op een zaterdagochtend in september, terwijl het buiten miezerde, kwam er een monteur die eerst de groepenkast bekeek om te zien op welke groep de zolder zat en of daar een aardlekschakelaar op stond. Daarna plaatste hij twee dubbele stopcontacten net boven bureauhoogte, een ervan met usb-aansluitingen, zodat laptop, telefoon en lamp allemaal een vaste plek hebben. Over het verlengsnoer onder het bed was hij heel nuchter. Een stekkerdoos onder een matras of tussen textiel kan zijn warmte niet kwijt, en snoeren die geknikt of platgedrukt raken, worden na verloop van tijd een probleem. Fenna zit inmiddels elke middag aan haar bureau, met muziek op en de lamp links. Ze klaagt nog steeds over Frans, maar niet meer over haar ogen. Toen ik het verhaal een paar weken later op een terras aan de Zijl vertelde aan vrienden met twee pubers, gingen zij diezelfde avond nog op zoek naar het snoer onder het bed van hun zoon. Ook die vrienden hebben inmiddels het nummer van Elektricien Dokkum in hun telefoon staan. |
Waarom onze dochter eindelijk aan haar bureau zit
- Gepubliceerd door Augustinus College
Inhoudsopgave



